Koffie en appeltaart

De zon zocht aarzelend de hemel aan het einde van de ochtend op. Knap hoe sterk zij nog aanwezig was op de drempel van de herfst. Vanuit mijn kantoor twee hoog, grenzend aan het Nicolaasplein, zag ik hoe de serveerster aan de overkant het terras gereed maakte. Nog even financieel meeprofiteren van de nazomer.

Vanaf de andere kant van het plein zag ik wat aankomen rollen en lopen. Een viertal hoogbejaarde dames werden voortgeduwd door een viertal vrouwen die een, misschien twee generaties jonger waren. Drie van de oude besjes waren gezellige aan het keuvelen en een vierde glimlachte dik ingepakt tevreden. Ze keek heel oud uit.

De rolstoelen werden vakkundig geparkeerd op het terras. Een van de begeleiders maakte een rondgang bij de hoogbejaarde vriendinnen wat ze te drinken wilden. Gezien het volume wat zelfs mijn kantoor bereikte, moest de vraag duidelijk gearticuleerd gesteld worden. Drie koffie en een thee.

Ik kon mijn blik niet meer van dit tafereel afhouden. Het deed iets met me. Helemaal toen de koffie, thee met gebak kwam. De drie wat kwiekere dames hadden met enig hulp het gebakje in hun handen en genoten zichtbaar. De vierde lukte dit niet meer. Haar jongere hulp sprong bij.

Met engelengeduld en vooral veel liefde zorgde zij ervoor dat de dik ingepakte dame haar slokje koffie dan wel hapje van haar appeltaart kreeg. Haar genieten was weergaloos. Alles om haar heen verbleekte bij haar stralen. Met haar diep zwart omrande ogen staarde ze naar het groepje. Grijnzend. Als ik het goed zag, zelfs een beetje ondeugend, zoals ze dit waarschijnlijk decennia geleden veel vaker deed. Toen ze niet koffie met gebak, maar een wijntje met een blokje kaas nog mocht.

Het is goed zo. Leek haar gezicht te zeggen. Haar hulp bleef haar met groot respect in de gaten houden. Haar vriendinnen bleven kletsen. Misschien iets over vroeger. Toen het plein nog een boerenweg was. Wie zal het zeggen.

Ze werd met haar stoel een beetje bijgedraaid. Zodat haar broze lichaam wat meer licht ving. Ze liet het allemaal ondergaan. Binnenkort zal ze met het licht mee naar boven reizen. De  andere drie vriendinnen redden het ook wel zonder haar hier op het Nicolaasplein.

Vanaf twee hoog leek mijn kantoor opeens een blik vanuit de hemel. Ik snapte waarom het me aangreep. Dit kon wel eens haar laatste terrasbezoekje zijn. Zij die zo mooi ingepakt zat in haar rolstoel.

Het leven is eindig. Daar ontkom je niet aan. Dan geef haar ik geen ongelijk. Dan kan je het maar beter vieren met koffie en appeltaart.

Reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.