Carnaval in Twente

Afgelopen weekend was het weer zover. Het grote Twentse carnaval vond weer plaats in Oldenzaal. Ja mensen, voor wie denkt dat carnaval alleen iets is voor onder de rivieren, tussen de Regge en Dinkel kunnen we er ook wat van. Zelfs een storm liet de Tukker niet klein krijgen. Helaas geen grote optocht (wél de kleine in ons dorp), maar wel feest!

Ikzelf wat minder, maar dat komt meer omdat ik niet de geest heb om een paar dagen lang door te halen. Sterker nog, ik val na een paar uur al om. Nu is de geest hebben ook weer niet zo’n ding. Die zie je toch na korte tijd in de fles belanden, maar toch.

Carnaval. Een deel van het land denkt aan gezellig samenzijn, carnavalsmuziek, plezier en polonaise. Een ander deel denkt aan dronken mensen, klereherrie, lastigvallen, polonaise met de buurvrouw en echtscheidingen.  Kortom, hoe je het ook bekijkt, het is een groot feest. Van die echtscheidingen is trouwens nog echt bewezen ook. Hoewel ik het wat vergezocht vond. Zo’n buurvrouw woont immers nog geen drie meter verderop.

Mijn oma kwam uit Oldenzaal en als kind mochten mijn zus en ik altijd vanaf haar huis de optocht zien. Zij woonde langs de route. Dat ging ongeveer zo. Mijn zus en ik stonden aan straat te kijken en mijn oma en ouders hadden boven een campingtafeltje uitgeklapt met daarop grove leverworst, kaas en harde worst. Als afdronk een borreltje. Mijn zus en ik hadden nog de leeftijd dat we weinig wisten van het effect van alcohol. Des te grappiger om te zien hoe mijn oma en ouders zienderogen steeds blijer werden met de optocht. Tot een polonaise aan toe… Zonder buurvrouw.  Wat was ik een tijdlang onder de indruk dat mensen zo blij konden worden van een mislukte, draaiende clown van papier-maché op een tractor.

Wat jaren later, toen het besef allang en breed daar was en ik begreep dat een borreltje een prettig effect kon hebben, wilde ik dat ook.

Ik  overtuigde mijn vrienden dat de optocht in Oldenzaal dé place to be was voor vrijgezelle jongens als wij! Wij konden de buurman worden in een polonaise! Voor drie hormonale, vrijgezelle pubers als wij moet ik bekennen dat er zeer weinig overtuigingskracht nodig was om ze mee te krijgen.

Daar gingen we dan. ’s Ochtend vroeg om 10 uur. Drie jongens uit Almelo met de trein naar Oldenzaal. Gekleed in boerenkiel. Hoe origineel. Hoe dichter we bij Oldenzaal kwamen, hoe drukker het werd met verklede mensen. De eerste kruidenbittertjes gingen al rond. Wij? Wij dronken gezellig mee.

Eenmaal aangekomen in Oldenzaal keken we onze ogen uit. De muziek, de gezelligheid, de serpentines die om de oren vlogen. Half elf en nu al feest. Wij moesten een keuze maken. Of ergens gaan staan en wachten op de grote Twentse optocht. Of de kroeg in. Wij zagen een aantal meiden met opwaaiende rokjes het café ingaan. Dus wij de kroeg in. Keuzes kunnen soms zo eenvoudig zijn. Halverwege kregen we nog een borreltje aangereikt en in de rij voor het café kregen we van wildvreemden een aantal biertjes. Ie kunt alles van Boeskolers zegg’n, moar knieperts bint ze nich!

Ik merk dat ik spontaan plat begin te proat’n met al die alcohol. Oldenzaal heet trouwens Boeskool in Carnavalstijd. Voor de academici: Boeskool is plat voor witte kool. Dus eigenlijk rond in plaats van plat.

We waren binnen en we hadden de opwaaiende rokjes gespot. In een overvolle kroeg is het best nog wel een onderneming om je toekomstige polonaise-vrouw te bereiken. Afijn, vijf biertjes later waren we bij de dames verkleed als Heidi.

Wanneer je zat bier op hebt, denk je dat je alles subtiel doet, je bent echter de enige die dit zo ervaart. Op een gegeven moment vroeg een van de dames mij of de Boeskolen mij bevielen? Bleek dat ik niet alleen met mijn neus in het bier zat.

Ergens op dat moment begon de wereld te draaien, raakten we een vriend kwijt (hij zat te bidden op de wc) en hadden we opeens meer behoefte aan frisse lucht dan aan 6 wiegende boeskolen. Het heeft ons een moeizaam biertje gekost om in de drukte de weg naar buiten te vinden. Het koste een kruidenbittertje om onze spugende vriend van het toilet te krijgen. Hem tussen ons in slepend zijn we al slingerend teruggegaan naar de trein. Het was half één… ‘s Middags!

Zo kwam het dat we maar liefst twee en half uur carnaval hebben gevierd. Het enige wat we versierd hebben, waren de stoelen in de trein. Carnaval in Twente… polonaise met de noaber? Niks van woar! Polonaise op ne pot!

Alaaf!

 

Comments

    1. Post
      Author
    1. Post
      Author
  1. Ellie Schmitz

    Zo herinner ik het mij ook uit mijn jeugd in Limburg. Zelf deed ik nauwelijks mee en al zeker niet met alcohol. Saai voor velen, maar plezier hebben kon ook zonder als het al niet vergald werd door de dronkaards met graaiende handen. Ik was er heel jong heel snel van genezen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.